Posts Tagged feiten

Bewijslast, feiten en holle frases

De laatste tijd krijg ik steeds meer reacties op de artikelen in dit blog, vaak van gelijkgestemden maar soms ook van mensen die het absoluut niet met me eens zijn. Een discussie ga ik natuurlijk nooit uit de weg, maar ik heb gemerkt dat deze discussies vaak op niets uitlopen; meestal omdat mijn tegenpartij zich niet bepaald aan de “regels” houdt van het discussiëren.

Vanzelfsprekend zijn er geen officiële regels voor het voeren van een discussie in het dagelijks leven, maar bij het voeren van een officiëel debat (bijvoorbeeld in een debat-wedstrijd) bestaan er wel spelregels. Die regels zijn er niet om de sprekers te beperken in hun expressie, maar juist om er voor te zorgen dat er kernachtig wordt gedebatteerd met goede argumenten. Als die regels zouden worden toegepast in dagelijkse discussies zou dat zonder twijfel de discussies ten goede komen. Het toepassen ervan voorkomt persoonlijke en beledigende aanvallen, zorgt ervoor dat er zoveel mogelijk “to-the-point” wordt gesproken en misschien wel het belangrijkste gevolg: het bevordert de algehele communicatie tussen de gesprekspartners.

In dit artikel wil ik enkele struikelblokken die ik regelmatig tegenkom in discussies aan de orde stellen:

Bewijslast

In een discussie over het bestaan van bijvoorbeeld hogere machten is het belangrijk de bewijslast in de gaten te houden. Het is namelijk aan de persoon die zonder meer in een fenomeen gelooft de taak het bestaan ervan te bewijzen. Het is dus niet de taak van de ander om te bewijzen dat iets NIET bestaat. Het einde zou zoek zijn als we alles maar voor waar aannemen totdat iemand bewijst dat het niet waar is. Ik kan de hele dag wel dingen verzinnen waarvan niet bewezen kan worden dat het niet bestaat/niet waar is. Probeer maar eens te bewijzen dat er niet elke dag onzichtbare paarse mammoeten om 12:00 uur ‘s-middags op de Dam in Amsterdam lopen (en ik ben natuurlijk de enige die ze kan zien). Het argument “…je kan niet zeker weten dat god niet bestaat omdat je dat niet kan bewijzen…” is dus niet steekhoudend. De regel omtrent bewijslast is nu eenmaal: iets bestaat NIET totdat bewezen is dat het wel bestaat (of beter gezegd: een claim wordt voor “niet waar” gehouden totdat het tegendeel bewezen is)! Kortom: God bestaat niet in de realiteit van onze wereld (een realiteit die wordt gestaafd aan de hand van empirische bewijzen; over empirische bewijzen later meer). Als je ervoor kiest om er toch in te geloven omdat je DENKT dat God wel bestaat is dat een keuze. Een discussie over het bestaan van god is dus feitelijk onzinnig te noemen, de discussie over de reden(en) om in God te geloven is veel zinniger!

De definitie van een “feit”

Al te vaak wordt er gesproken over zaken als zijnde een feit, terwijl ze geen feit zijn. “Taal” is ons meest gebruikte communicatie middel, maar is ironisch genoeg vaak niet de beste manier om bepaalde punten goed naar voren te brengen (denk bijvoorbeeld aan de uitdrukking “een foto zegt meer dan duizend woorden”). Om misverstanden te voorkomen is het belangrijk dat discussie partners het eens zijn over de definitie van bepaalde woorden. Woordenboeken zijn vaak de enige redding als je het niet eens kan worden over de betekenis van een woord. Maar wat als beide partijen veronderstellen dat de ander dezelfde definitie van een bepaald woord hanteert terwijl dit niet het geval is? Dan ontstaat er hoogst waarschijnlijk een discussie waarbij er langs elkaar heen gepraat wordt. Het woord “feit” is nu precies zo’n woord waar vaak misverstanden over bestaan. De definitie die ik vond bij het opzoeken ervan luidt: “Een feit is een gebeurtenis of omstandigheid waarvan de werkelijk vaststaat, ofwel zintuiglijk kan worden waargenomen hetzij instrumenteel gemeten“. Het vetgedrukte gedeelte is een directe verwijzing naar empirische bewijzen. Hoe ongelooflijk ongevoelig of kleingeestig het ook mag klinken: “mediums met echte gaven bestaan niet” is dus vooralsnog volgens bovenstaande definitie een FEIT. “God bestaat niet” is ook een feit. Let wel: dit is niet mijn mening, maar gewoon het juiste gebruik van het woord feit. Het is dus onmogelijk je achter zogenoemde “feiten” te verschuilen als je mediums met echte gaven verdedigt! De discussie zou in het laatste geval dus eigenlijk weer moeten gaan over de redenen om in mediums te geloven (zo’n discussie heeft in ieder geval meer zin!).

Misbruik van statistiek

Er zijn verschillende manieren om statistiek te misbruiken (bijvoorbeeld door het aandragen van statistische bevindingen die niet gepubliceerd zijn), maar een zeer specifieke vorm van misbruik waar ik vaak tegenaan loop is het gebruiken van een statistische meerderheid van meningen/overtuigingen omtrent een bepaald onderwerp om de validiteit van het onderwerp zèlf aan te tonen. Het schermen met argumenten die gebaseerd zijn op dat specifieke misbruik is niet zinnig in een discussie. Een voorbeeld: “…het merendeel van de mensheid gelooft in God, wil jij zeggen dat die het allemaal mis hebben?…”. Een argument waarmee iemand probeert het bestaan van god te bewijzen aan de hand van de overtuiging van een meerderheid van mensen. Een drogredenering en (gelukkig) makkelijk te pareren met bijvoorbeeld de volgende vergelijking “…een paar eeuwen geleden dacht de meerderheid van de mensheid dat de aarde het middelpunt was van ons zonnestelsel…”. Oftewel: de overtuiging van een grote groep mensen is geen bewijs voor de “waarheidsfactor” van die overtuiging.

Ad-hominem (het gebruik maken van persoonlijke aanvallen)

Veel mensen maken in discussies helaas gebruik van persoonlijke aanvallen op hun discussie partner; veelal wanneer ze merken dat de argumenten waarmee ze zelf komen niet sterk genoeg zijn. Bij een persoonlijke aanval (ook wel “ad- hominem” genoemd) probeert de één de ander te overtuigen van zijn gelijk door bijvoorbeeld het karakter van de ander aan de kaak te stellen: “…het is wel erg kortzichtig van je om te denken dat er geen mensen zijn die met geesten kunnen praten…”. Hoewel deze opmerking verband lijkt te houden met het onderwerp “bestaan er mediums met echte gaven” staat nu ineens ter sprake of het niet geloven in mediums wel of niet kortzichtig is, een compleet andere discussie dus! Nog een populaire manier is iemands leeftijd/(levens)ervaring ter sprake stellen: “…je bent nog zo jong, ik spreek je wel als je wat ouder bent…” waarmee wordt geïmpliceerd dat de mening van een persoon afhankelijk is van zijn leeftijd. Hoewel dit in sommige gevallen wel het geval kan zijn is natuurlijk op geen enkele manier vast te stellen welke mening bij welke leeftijd hoort!! Dit argument hoort dus niet thuis in een eerlijke discussie. Nog een laatste voorbeeld: “…er valt niet te praten met iemand die altijd zo snel oordeelt…”. Ik weet niet precies wat mensen die dit zeggen bedoelen met “snel oordelen” maar als je oordeel gebaseerd is op empirisch bewijs of, vaker nog, het ontbreken ervan sta je geheel in je recht. Empirisch bewijs is bewijs dat zintuigelijk is waargenomen al dan niet met behulp van instrumenten en kan worden getoetst door verschillende mensen (die allemaal met dezelfde resultaten naar buiten komen). Het is de enige methode die we kennen om iets wetenschappelijk te bewijzen. Een “oordeel” gebaseerd op empirische bewijzen is dus niet zozeer een “mening” als wel een feitelijke aanname! Ik probeer overigens in dit blog nooit een oordeel over iets te vellen als ik niet eerst mijn mening heb beargumenteerd, het tegenovergestelde van een “snel oordeel” lijkt me zo!

Het gebruik van “holle frases” als argument

“Holle frases” zijn statements zonder feitelijke inhoud die als waarheden worden verkondigd. De bekendste is natuurlijk “…er is meer tussen hemel en aarde…”. Er valt moeilijk te discussiëren met mensen die de gewoonte hebben vaak holle frases te hanteren, aangezien zij de statements als feitelijke waarheden beschouwen. Nog een voorbeeld van een holle frase die ik laatst naar mijn hoofd geslingerd kreeg: “…zonder spiritualiteit kan je niet gelukkig worden, de wereld is niet zo zwart wit…”. Voor degene die deze frase hanteerde waarschijnlijk een compleet logische statement, maar voor mij betekent het absoluut niets. “Spiritualiteit” en “zwart wit” zijn in dit geval veel te abstracte begrippen zonder duidelijke afgebakende betekenis!

Er is toch wel een (groeiend) aantal mensen die het vervelend vindt om met mij te discussiëren en als ik bovenstaande zo lees kan ik me dat ook goed voorstellen! Zelf probeer ik me in ieder geval wel te houden aan de “spelregels” om de discussies eerlijk te houden alhoewel ik me ook wel eens schuldig heb gemaakt aan het gebruik van retorische trucjes om mijn discussie partner te overtroeven!

Als ik nog één observatie mag maken: hoewel veel mensen mij als respectloos zien ten opzichte van bovenaardse zaken (daar reken ik ook religie onder) valt het mij op dat ze vaak in discussies geen respect hebben voor mijn standpunt en daar zit een groot verschil met mijn denkwijze. Ik heb wel respect voor hun mening echter vaak niet voor het onderwerp van de mening. Ter verduidelijking een voorbeeld: ik heb respect voor mensen die geloven in de christelijke god en ook voor hun overtuiging daarin, maar ik heb geen respect voor de religie op zich. Andersom merk ik vaak dat zij juist geen respect hebben voor mijn standpunt en soms ook niet voor mij als persoon vanwege mijn standpunt, wat zich bijvoorbeeld uit in boze reacties als ik zeg dat feitelijk god niet bestaat; als ik zelf ook zo zou denken zou ik boos moeten reageren als zij beweren dat god wèl bestaat en dat zou ik natuurlijk nooit doen!!

LOGATES

Index van alle artikelen

Comments (13)

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag